| |
|

|
|
Kinderboekenweek 2009 |
 |
 |
 |
 |
 |
 |
 |
 |
 |
 |
 |
 |
 |
 |
 |
 |
 |
 |
 |
 |
 |
 |
 |
 |
 |
 |
 |
 |
 |
 |
|
Aan tafel! (groep 3) |
(15-10-2009) |
|
 |
 |
 |



 |
|
Dit jaar gaat de Kinderboekenweek lekker over eten, of is het over
lekker eten? Aan tafel met z’n allen. Maar wat gaan we dan eten en wat hebben we
daar voor nodig en hoe maak je dat? Voor dat groep 3 aan tafel kon moest er nog
heel wat gebeuren.
Eerst maar eens naar de supermarkt, dat was een al een feest. Daar hebben we
groenten, bouillon en letters gekocht, voor een grote pan soep. En niet zomaar
soep, maar leessoep.
Maar hoe maak je soep. Hier het recept van 3b.
LEESSOEP
Lof
Prei
Peen
Selderij
Letters
Bouillon
Doe alles in de pan met water en laat het een tijdje koken.
Wist je trouwens dat je van lettersoep woorden in je buik krijgt en die
woorden maken zinnen en zinnen worden weer verhalen in je buik en die verhalen
moeten eruit.
Was de soep lekker? Jaaaa, de soep was heerlijk, verrukkelijk, smakelijk,
smikkelig, slurperig lekker. Waren de verhalen mooi? Jaaaa, de verhalen waren
super, geweldig, prachtig, ontroerend mooi.
Helaas zijn de foto’s van het soep maken verdwenen, maar zijn er wel foto’s
van het boodschappen doen. |
 |
 |
 |
 |
 |
|
Voorleeshoek (groep 1/2) |
(14-10-2009) |
|
 |
 |
 |



 |
|
Deze week wordt er aan de dolfijnen veel voorgelezen. Eerst staan we netjes in
de rij en dan op naar de speelzaal. Er zijn twee moeders komen voorlezen. Ze
hadden leuke boeken meegenomen. Wij mochten dan lekker zitten op een kussen en
een knuffel knuffelen.
Zo is er uit Knofje, Rupsje nooit genoeg, Raad is hoeveel ik van je hou
voorgelezen en een gedicht voorgedragen. Het gedichtje gaat over een kindje in
groep twee.
Op school zit ik al in groep twee
(ik ben ontzettend groot)
en volgens mij heeft onze klas
de liefste juf die er ooit was,
en dat is juffrouw Rood.
Ik teken een tomatenplant
en aardbeien op brood,
radijsjes teken ik heel vaak
en alle plaatjes die ik maak
geef ik aan juffrouw Rood.
‘Voor jou,’ zeg ik. En als het mag
kruip ik bij haar op schoot.
Ze krijgt er rode wangen van.
‘Dank je, meiske,’ zegt ze dan,
mijn lieve juffrouw Rood.
Tomatenrood, radijzenrood
en aardbeien op brood.
En alle kind’ren in de klas
zeggen: ‘Juf’, of: ‘Juffrouw Sas’
maar ik zeg: ‘Juffrouw Rood.’
|
 |
 |
 |
|
|
| |
| |
| |
|
| |
|
|
|
|
|